Als deze antisemitische wereld de Davidster zou kunnen wurgen, dan zou de Bijbel een fabel en God een leugenaar zijn. Ik ben ervan overtuigd dat dit niet waar is. In het dal van diepe duisternis ontsnapt de Joodse nefesch (ziel) en keert zij, gelouterd, terug naar haar Maker.
Maar Sion zegt: De HEER heeft mij verlaten en de HEER heeft mij vergeten. Kan ook een vrouw haar zuigeling vergeten, dat zij zich niet ontfermen zou over het kind van haar schoot? Al zouden zij die vergeten, toch vergeet Ik u niet. Zie, Ik heb u in mijn handpalmen gegrift, uw muren zijn bestendig vóór Mij. Jesaja 49:14-16 (WV95)
2002
Klei, prikkeldraad
en messing